Tag Archive
Amsterdam
Antwerpen
appartement
architecten
Batibouw
bouw
bouwen
bouwgrond
bouwsector
bouwvergunning
Brugge
Brussel
btw
confederatie bouw
crisis
Gent
grond- en pandendecreet
huis
huizenmarkt
huur
huurder
huurprijs
hypotheek
leegstand
lening
Limburg
makelaar
Nederland
nieuwbouw
prijzen
Rotterdam
sociale woningen
vastgoed
vastgoedbevak
vastgoedmarkt
Verenigde Staten
verkoop
Vlaanderen
wonen
woning
woningbouw
woningcorporaties
woningen
woningmarkt
zonnepanelen
Limburg telt momenteel 18.000 sociale huurwoningen en -appartementen, maar huurder en verhuurder zitten niet altijd op éénzelfde lijn. Daarom komt er een bevraging bij 600 huurders die knelpunten en noden in kaart moet brengen. De resultaten worden gebruikt om de woon-en leefkwaliteit in de hele Limburgse sociale huisvesting te verbeteren.
Het Kempisch Tehuis, goed voor 2.800 huurders, onderzoekt samen met het Regionaal Instituut voor Maatschappelijk Opbouwwerk Limburg (RIMO) haar dienstverlening en communicatie. Hiervoor bevragen opbouwwerkers 520 huurders uit 7 wijken in Lommel. “We willen bijvoorbeeld weten of ze de berekening van de huurprijs en de briefwisseling begrijpen, of ze de werking van de technische dienst kennen”, vertelt opbouwwerkster Katrien Franssens. “De bevraging kan gebeuren via een vragenlijst in de bus, via hoorzittingen met een kleine groep bewoners of via huisbezoeken.”
Stappen
Met Cordium, dat 1.500 huurders telt, legt RIMO een ander accent. “In drie Bilzense wijken en een wijk in Hasselt gaan we met een 100-tal bewoners terugblikken op de stappen die zij hebben gezet om een sociale woning te huren. Knelpunten worden geanalyseerd met het oog op een beter onthaal voor toekomstige huurders in nieuwe woonprojecten.” In totaal telt Limburg 9 huisvestingsmaatschappijen. “De resultaten worden via de Vereniging van de Limburgse Bouwmaatschappijen teruggekoppeld naar de hele sector. De bevraging is volgende zomer klaar, maar met tussentijdse bevindingen wordt al rekening gehouden.”
Herstellingen
De 56-jarige Hugeutte Lommers die een sociale woning huurt in de Lommelse wijk Balendijk-West van het Kempisch Tehuis, overliep de vragenbundel al. “Bijvoorbeeld de brieven die ik soms krijg van het Kempisch Tehuis vind ik moeilijk te begrijpen. Het is goed dat ik het op deze manier heb kunnen aankaarten. Dankzij dit initiatief verneem ik nu dat er een weekenddienst is voor herstellingen in de winter. Ik woon hier 28 jaar. Nooit geweten.”
Bron: Het Belang van Limburg
Gemeenten in Limburg richten samen met de provincie een team op dat corruptie bij de aanbesteding van Limburgse bouwprojecten moet tegengaan. Een woordvoerder van burgemeester Gerd Leers van Maastricht heeft zondag een bericht daarover in De Telegraaf bevestigd.
In het team zitten hoogleraren van de Universiteit van Maastricht en van de TU Delft. Ze gaan aanbestedingen in Limburg bekijken op met name de kwaliteit. Volgens de woordvoerder werd in het verleden te veel gekeken naar de prijs. Dat werkte corruptie in de hand.
Budget wordt vooraf bekend gemaakt
In het vervolg zal bij een aanbesteding vooraf het budget worden bekendgemaakt. Bij de aanbestedingen zal daarna worden gekeken naar de kwaliteit van de biedingen. Een onafhankelijke commissie zal uiteindelijk het project kiezen. De aanleiding is een grootschalige fraude waarbij onder meer het Brabantse bouwbedrijf Janssen de Jong (via de Limburgse dochter Janssen de Jong Infra) werd verdacht van het betalen van steekpenningen aan ambtenaren voor informatie over aanbestedingen.
Bouwbedrijven versus NMa
De Limburger citeerde in het weekeinde op haar website een advocaat van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) die stelt dat de Brabantse bouwer bij zeker tien projecten in Limburg verboden prijsafspraken heeft gemaakt. Advocaat Erik Daalder van de NMa zou dit hebben onthuld voor de voorzieningenrechter in Den Haag, die een kort geding behandelde dat de Janssen de Jong Groep en Janssen de Jong Infra hadden aangespannen tegen de Staat.
De bedrijven stellen dat de NMa geen gebruik mag maken van verslagen van afgeluisterde telefoongesprekken van medewerkers die door justitie verdacht worden van het omkopen van ambtenaren. Het OM stelt dat dit wel mag: toezichthoudende instanties krijgen met enige regelmaat informatie.
Hoogte verboden prijsafspraken kan oplopen tot euro 10 mln
De totale omzet van de projecten die wegenbouwers onderling zouden hebben verdeeld, bedraagt ruim euro 10 mln. Welke andere bedrijven hierbij betrokken zijn, is niet bekendgemaakt. Eind januari deed de NMa bij vijf Limburgse wegenbouwers invallen. Dat gebeurde behalve bij Janssen de Jong Infra ook bij BLM, Wegenbouw Limburg, Mourik Groot-Ammers en Roecx.
Het OM zocht in december vorig jaar contact met de NMa, omdat vermoed werd dat in Limburg bouwbedrijven prijsafspraken maakten. Dit was gebleken tijdens het afluisteren van telefoons. Advocaat Cecille Bitter van het OM zei tijdens de behandeling van het kort geding dat ’structureel’ prijsafspraken worden gemaakt en dat dit ‘frequent’ gebeurt. Omdat dergelijke afspraken zelden op papier worden gezet, zijn de tapverslagen belangrijk voor de onderbouwing van een boeterapport, dat de NMa van plan is op te stellen, aldus de Limburger in haar verslag.
Bouwer belooft beterschap
Bestuursvoorzitter Eric Krul van Janssen de Jong, een middelgrote bouwer in Nederland, zei eerder dit jaar dat fraude in ‘flagrante strijd is met onze integriteitsbeginselen’. ’Wij werpen dit verre van ons en zullen er dan ook alles aan doen om deze verschijnselen uit te bannen.’ Naar aanleiding van de fraude-affaire sloot het bedrijf onder andere het kantoor van de Infra-divisie in Meerssen en werden diverse medewerkers op non-actief gesteld of overgeplaatst.
Bron: Het Financieele Dagblad
Acht Noord-Limburgse gemeenten openen vandaag een infoloket rond wonen. Burgers kunnen er tijdens aparte spreekuren terecht met allerhande vragen rond wonen en premies.
Tot nu toe moesten de ambtenaren die vragen er bijnemen naast hun gewone werk. "Nu krijgen we specialisten in de gemeenten die de mensen wegwijs maken in het subsidielandschap, met info over alle belastingvoordelen en premies over woningen aanpassen of renoveren ", zegt coördinator Wouter Van Mierloo.
Bron: VRT Nieuws
Rik Mondelaers werd geboren in Bree op 7 juli 1953 in een gezin met zes kinderen. Zijn vader was burgemeester, senator en dierenarts. Mondelaers studeerde rechten en notariaat aan de KULeuven. Riks vrouw Annemie overleed in 2003. Hij woont met zijn dochters Sofie (25) en Julie (24) in Hasselt.
Na enkele jaren in een notarisstudie te hebben gewerkt, werd hij directeur van wat toen de Syndicale Kamer der Bouwnijverheid van Limburg heette. Mondelaers is nu nog directeur van de Limburgse Confederatie Bouw. De werkgeversorganisatie telt 1.100 leden.
De Limburgse Confederatie Bouw vierde onlangs haar negentigste verjaardag. Rik Mondelaers staat bijna een kwarteeuw aan het hoofd van deze organisatie, waarvan de leden-aannemers voor een groot stuk het uitzicht van het moderne Limburg hebben bepaald. De bouwnijverheid doet het volgens Mondelaers ondanks de crisis redelijk goed in onze provincie. «Het orderboekje van de grote aannemers is nog ruim gevuld tot het einde van het jaar. De kleinere collega’s zingen het nog uit tot het einde van de zomer. Dan zal bij hen de motor wat beginnen haperen», voorspelt hij. «Maar onze sector heeft zeker nog toekomst in Limburg.»
Rik Mondelaers was wat je noemt een nakomertje, want hij werd tien jaar na het vijfde kind in het Breese burgemeestersgezin geboren. «Dat had voor- én nadelen», zegt hij. «Mijn vader was 57 toen ik op de wereld kwam en moeder had 42 jaar op de teller staan. Mijn broers en zussen waren jonge volwassenen toen ik nog kind was. Dat zorgde toch een beetje voor een dubbel generatieconflict thuis. Mijn ouders hebben ons streng en katholiek opgevoed, maar er was de nodige ruimte tot ontplooiing. Ik ben jarenlang bij de KSA geweest. Aan mijn collegetijd in Bree bewaar ik trouwens goede herinneringen. Ook mijn studentenjaren in Leuven vormden een leuke periode in mijn jeugd. Ik was lid van verscheidene Limburgse studentenverenigingen en preses van de studentenfanfare, ook al kende ik geen noot muziek.»
BOUW
«Mijn diploma rechten gaf me uitzicht op een reeks van jobs, maar omdat ik na die studies ook nog notariaat had gedaan, kon ik in het Leuvense aan de slag bij een notaris. Tot ik in 1986 in een krant een vacature zag staan voor de directeursfunctie van de Limburgse Syndicale Kamer van de Bouw. De lokroep naar de bouw en naar Limburg waren blijkbaar sterk want ik reageerde meteen op de aankondiging. Er was een vijftigtal kandidaten waarvan er uiteindelijk twee overbleven. Ik was erbij en kreeg de job omdat ik al een gezin had. De bouw klauterde toen met heel veel moeite uit één van de zwaarste crisissen die de sector na de oorlog had gekend. Geen wonder dat onze werkgeversorganisatie het ook moeilijk had. Alle hens aan dek dus. Het was onder andere mijn taak om de leden te informeren, te stimuleren en te begeleiden. De Limburgse organisatie was en is nog steeds een autonome vzw maar we zitten onder de koepel van de Vlaamse en nationale Confederatie Bouw die lobbiet bij de diverse overheden om meer te investeren in de bouwnijverheid en daar plukken wij in Limburg ook de vruchten van.»
TOPJAREN
«Vanaf einde jaren tachtig, toen de crisis voorbij was, hebben we topjaren gekend in onze provincie. Ze duurden op enkele kleine inzinkingen na tot einde vorig jaar toen de huidige crisis de kop opstak. De bouw heeft in Limburg hard meegewerkt aan de reconversie. Vooral de industriebouw deed het de jongste tien jaar zeer goed. De elkaar opvolgende Limburgplannen van de overheid hebben onze leden geen windeieren gelegd. Ook de particuliere bouw deed en doet het goed in onze provincie. Limburg heeft het jongste en het beste woningbestand van heel het land. Hier werd ook een betere kwaliteit afgeleverd. De Limburgse bouwvakkers zijn trouwens zeer gegeerd en geprezen om hun vakmanschap, hun hoge productiviteit én hun flexibiliteit. Een groot deel van de Limburgers in de afwerking pendelt elke weekdag met hun bestelwagens naar Brussel, Antwerpen en Luik.»
TOEKOMST
«Net als in andere sectoren is de bouw crisisgevoelig, maar bij ons slaat de crisis behoorlijk later toe dan in de rest van de economische bedrijvigheid. Huizen, gebouwen en wegen waaraan men begonnen is of waarvoor vergunningen zijn afgeleverd, moeten voltooid worden. Het duurt dus wat langer vooraleer wij een terugval kennen. En toch zie ik de toekomst hoopvol tegemoet. Het klinkt paradoxaal, maar we hebben ondanks de crisis ook in de Limburgse bouw een structureel tekort aan arbeidskrachten. Behoorlijk wat jobs geraken niet ingevuld. Er gaan bovendien meer Limburgse bouwvakkers met pensioen dan er jonge werkkrachten aangeleverd worden op de markt. In onze provincie zal ook de komende jaren nog behoorlijk veel gebouwd moeten worden. Er zijn nog veel woonuitbreidingsgebieden en de zogenaamde gezinsverdunning waardoor meer en meer singles apart gaan wonen zal de bouw van appartementen en kleinere woningen stimuleren. Ook in de sector van de renovatie heeft de bouw in Limburg nog veel potentieel. Omdat er zoveel gefocust wordt op energiebesparing en de verschillende overheden daarvoor niet onaardig wat subsidiëringsprogramma’s hebben uitgewerkt, zie je daarvan ook de weerslag op onze sector. Nog een positief punt voor ons: heel wat schoolgebouwen en andere openbare complexen zijn verouderd en dringend toe aan modernisering. Limburg ontwikkelt zich als toonaangevende toeristische provincie in Vlaanderen en België op een spectaculaire manier. Er moeten bijgevolg verblijfsaccommodaties worden voorzien en bijkomende infrastructuurwerken dringen zich op. Ook inzake grote én kleinere wegenwerken zijn we in onze provincie nog een aantal jaar zoet. Het nieuwe klaverblad en Lummen en de afwerking van de Noord-Zuid zijn de uitschieters. Hoe dan ook zal Limburg nog lang een belangrijke bouwprovincie blijven. Met onze Confederatie zullen we deze ontwikkelingen mee sturen en nauwgezet opvolgen. Onze 1.100 leden zijn goed voor zowat tachtig procent van de tewerkstelling en de omzetten in de Limburgse bouwsector. In onze provincie zijn ruim twintigduizend mensen rechtstreeks tewerkgesteld in de bouw. Tel daar nog een vijfduizendtal zelfstandigen bij en meerdere duizenden in de toelevering. Het is voor ons als Confederatie één van de belangrijkste opdrachten deze basisjobs minstens te handhaven. Ik wil er blijven voor ijveren, want ik ben zo verknocht aan mijn werk dat het nooit in me is opgekomen van job te veranderen.»
«Limburggevoel relativeren»
«Ik ben een echte Limburger: geboren en opgegroeid in het noorden, gesetteld in Midden-Limburg en lid van de Rotary in Borgloon. Maar toch moet je dat Limburggevoel relativeren. Ik heb in mijn leven heel veel gereisd en dan ervaar je pas dat je eigen roots deel uitmaken van een veel groter geheel.»
«Als ik in eigen land voor enkele dagen met vakantie trek, pendel ik tussen Haspengouw dat voor mij de Provence van Vlaanderen is en Knokke. Jaarlijks maak ik één grote buitenlandse reis. De laatste ging naar Vietnam en Cambodja. De echte Franse Provence is voor mij ook een geliefde vakantiebestemming.»
«Ik ben een Bourgondiër en eet graag lekker. Limburg heeft tal van zeer goede en sfeervolle restaurants. In Hasselt kan je me ‘Bij Luc Bellings aan Tafel’ en in het Italiaanse ‘Dai Cugini’ geregeld vinden. Ook Clos Saint-Denis in Vliermaal is absolute top in onze provincie als je de lat op gastronomisch vlak zeer hoog legt.»
«Echte hobby’s heb ik niet. Ik doe te weinig aan sport. Mijn lichaamsbeweging beperkt zich tot wat fietsen, maar ik lees heel veel – vooral vakliteratuur – en volg de actualiteit op de voet.»
Bron: Het Laatste Nieuws
De helft van de bouwbedrijven in de provincie Limburg heeft te lijden onder de crisis en zag de omzet de voorbije maanden dalen. Bijna 40 procent voert besparingen door. Dat zijn de voornaamste conclusies van een enquête bij 300 Limburgse bouwbedrijven door EHBA (Eerste Hulp bij Bouw Administratie), een project van Bouwunie Limburg.
Helft ziet omzet dalen
Hoewel de orderboekjes bij de bouwbedrijven nog redelijk goed gevuld zijn, ziet 51 procent zijn omzet dalen. Een op de vijf Limburgse bouwbedrijven, voornamelijk actief in de industriebouw, ervaart zelfs een omzetdaling van 20 procent of meer. Diegenen die actief zijn in de particuliere woningbouw en de renovatie van woningen hebben wel nog voldoende werk. Dat is voornamelijk te danken aan de tijdelijke btw-verlaging naar 6 procent op een schijf van 50.000 euro en aan de talrijke premies en belastingverminderingen voor energiebesparende investeringen, zo luidt het.
Kosten besparen
Op personeelsvlak neemt zowat 36 procent van de bedrijven helemaal geen maatregelen om zich te beschermen tegen de crisis; 38 procent wel bespaart op de kosten. De bouwondernemingen gaan pas over tot ontslagen als het echt niet anders meer kan, zo blijkt nog. Ze doen daarbij in eerste instantie een beroep op het systeem van de tijdelijke werkloosheid.
Meer investeren
Opvallend is ook dat meer dan 10 procent van de ondervraagden nu meer investeert of reclame voert om de kloof naar een nieuwe hoogconjunctuur te overbruggen.
Bron: Het Laatste Nieuws
In 2008 zijn er 823 nieuwe Limburgse bouwbedrijven gestart. Dat zijn er 9 procent minder dan in 2007. Ook dit jaar zullen er minder bedrijven bijkomen.
Vorig jaar waren er 9 procent minder nieuwe bedrijven. Uit de eerste kwartaalcijfers blijkt dat ook dit jaar het aantal nieuwe aannemers zal dalen als gevolg van de economische crisis.
Onderzoek toont aan dat 20 procent van de Limburgse aannemers nog geen vijf jaar actief is. Vaak is het management gebrekkig en gebeuren de kostenberekeningen onnauwkeurig.
Bron: Het Belang van Limburg
De Limburgse huizenbouw heeft in 2008 relatief goed standgehouden, ondanks de kredietcrisis. Het aantal vergunde flats daarentegen ging er in Limburg in 2008 verder op achteruit. Toch waren er in 2008 in Limburg uiteindelijk nog circa 5.400 vergunningen voor nieuwe woningen (d.w.z. huizen en flats samen). Dat is nog altijd meer dan tijdens de eerste jaren van de 21ste eeuw en de laatste jaren van de 20ste eeuw. Volgens de Vlaamse Confederatie Bouw en de Confederatie Bouw Limburg is het belangrijk dat de Limburgse woningbouwproductie zich de komende jaren op een hoog peil kan handhaven. De provincie krijgt er immers heel wat inwoners bij (ongeveer 60.500) die allemaal een huisvesting moeten krijgen.
Evolutie vergunningen voor huizen en flats
In de Vlaamse woningbouw vormden de jaren 2001 en 2002 een dieptepunt. De situatie verbeterde geleidelijk aan vanaf 2003. Maar in 2007 zien we terug een forse achteruitgang, zowel voor nieuwe huizen als voor nieuwe flats. Intussen beschikken wij ook voor 2008 over volledige cijfers. Het is opvallend dat de situatie niet dramatisch verslechterde, ondanks de kredietcrisis die in het najaar van 2008 is uitgebroken. Voor de huizenbouw eindigde 2008 zelfs met en status-quo in vergelijking met 2007. Het aantal vergunningen voor nieuwe woningen (huizen en flats samen) lag in 2008 in Vlaanderen nog altijd hoger dan in 2001 en 2002.
Op het vlak van huizenbouw volgde de provincie Limburg de algemene tendens in Vlaanderen. Het jaarlijks aantal vergunde huizen steeg van circa 2.100 in 2002 tot ongeveer 2.800 in de jaren 2004, 2005 en 2006. In 2007 volgde een daling met 16%. Maar de achteruitgang zette zich niet door in 2008. Het aantal vergunde nieuwe huizen bleef in Limburg in 2008 op ongeveer 2.300 gehandhaafd.
Op het vlak van appartementsbouw stak Limburg eerder van wal dan de rest van Vlaanderen. In 2002 werden in Limburg ineens circa 2.900 nieuwe flats gegund: een nooit eerder gezien aantal. Een topjaar op het vlak van appartementsbouw was 2006 met ongeveer 4.600 vergunde flats. Een scherpe daling volgde in 2007. Het aantal vergunningen voor nieuwe flats daalde nog eens in 2008 maar bleef nog steeds boven de 3.000.
Appartementsbouw niet meer weg te denken
De appartementsbouw is in Limburg niet meer weg te denken. In nog slechts 10 van de 44 Limburgse gemeenten bedraagt het aandeel aan flats in de nieuwe vergunningen voor woningen minder dan 40%. Het is normaal dat het aandeel aan flats in de grotere steden, zoals Genk en Hasselt, meer dan 60% bedraagt. Het is wel opvallend dat ook in gemeenten van het buitengebied de appartementsbouw opgang maakt. Buitengemeenten met meer 60% flats onder de vergunningen voor nieuwe woongelegenheden zijn onder meer Lanaken, Heusden-Zolder en Tessenderlo. De appartementsbouw is een algemeen fenomeen geworden.

Twee factoren spelen daarbij een rol. Vooreerst is er de gezinsverdunning, d.w.z. dat gezinnen almaar kleiner worden. Het aandeel alleenstaanden onder de huishoudens bedraagt intussen 36% van de Vlaamse bevolking en het aandeel eenoudergezinnen is toegenomen tot 12% terwijl het aandeel van de echtparen met kinderen tot nog slechts 28% is gedaald. Het aandeel van de echtparen zonder kinderen tenslotte is nagenoeg constant gebleven op 24%. Kleinere gezinnen verkiezen flats. Flats beantwoorden dus aan een reële vraag op de markt.

Daarnaast vormen flats een middel om te ontsnappen aan de stijgende bouwgrondprijzen. Vooral in de jaren van 2002 tot 2007 zijn de bouwgrondprijzen fors toegenomen: in Vlaanderen met 11,4% per jaar en in Limburg met 12,5% per jaar. Intussen beschikken wij ook hiervoor over cijfers voor 2008. Die wijzen op een afkoeling. In Vlaanderen stegen de bouwgrondprijzen vorig jaar nog maar met 6,2%, in Limburg nog amper met 3%.
Lager dan gemiddelde vastgoedprijzen
Al bij al blijven de vastgoedprijzen in Limburg relatief laag. Aan de noordelijke en oostelijke rand van de provincie liggen de prijzen voor gronden en huizen doorgaans hoger dan in het zuidwesten van de provincie (Haspengouw) dat duidelijk als de goedkoopste regio naar voor komt. Dat heeft onder meer te maken met de belangrijke aanwezigheid van Nederlanders in de grensgemeenten. In een aantal van deze gemeenten bedraagt hun aandeel in de bevolking meer dan 20%. Maar zelfs dan blijven de prijzen voor gronden en huizen bijna in alle Limburgse gemeenten (op een of twee uitzonderingen na) onder het Vlaamse gemiddelde. Ook voor flats liggen de prijzen slechts in 6 van de 44 Limburgse gemeenten boven het Vlaamse gemiddelde.

Dat de prijzen voor bouwgronden, huizen en flats in Limburg relatief laag liggen, houdt verband met het lagere inkomen van de Limburgers. Limburg is nog altijd de Vlaamse provincie met het laagste gemiddelde inkomen. Het jaarlijks inkomen ligt in Limburg nog altijd 7% onder het Vlaamse gemiddelde.



26.300 extra woningen voor groeiende bevolking
De Limburgse bevolking zal tijdens de komende twaalf jaar sterk groeien. Dat blijkt uit de nieuwste prognoses van het Planbureau. Van 2009 tot 2020 komen er ongeveer 60.500 Limburgers bij. Deze toename betekent minstens 26.300 extra huishoudens en dus 26.300 extra woningen. Daarnaast zal er nog een belangrijke bijkomende behoefte aan woningen ontstaan ten gevolge van de verdere gezinsverdunning.

De overheid zal hiervoor plaats moeten vrijmaken in de kernen van de Limburgse steden. Maar de ervaring leert dat stadskernvernieuwing een werk van lange adem is terwijl het aantal huishoudens de komende jaren snel toeneemt. Vandaar het belang om ook de ‘woonuitbreidingsgebieden’ aan te snijden die het dichtst bij de stadskernen zijn gelegen. De term ‘woonuitbreidingsgebied’ is slecht gekozen. Zij roept de gedachte op van een verdere uitbreiding van de woonoppervlakte. Deze opvatting is onjuist. De woonuitbreidingsgebieden behoren wel degelijk tot de gebieden die volgens het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen voor wonen zijn gereserveerd. Men had ze dus beter woonreservegebieden genoemd.
Volgens de atlas van de woonuitbreidingsgebieden zijn in Limburg 1.465 ha woonuitbreidingsgebied beschikbaar die de overheid kan laten aansnijden zonder de ruimtelijke ordening te schaden. Naar rata van 20 woningen per hectare kunnen hierop zo’n 30.000 bijkomende woningen komen. Het zou onverstandig zijn deze belangrijke reserve de komende jaren onaangeroerd te laten.
Bron: Confederatie Bouw
Het aanbod woningen zit in stijgende lijn
- De meerderheid van de woningen heeft een vraagprijs die tot 300.000 euro gaat.
- De grensgemeenten bieden een brede markt voor de koper die er warmpjes inzit.
- Sint-Truiden en Tessenderlo populair bij een beperkt budget.
De nieuwe vraagprijs ligt dichter bij de reële waarde van het huis
Johan Telen
Immobiliën Johan Telen
Wanneer we kijken naar de vraagprijzen van de woningen in Limburg, zien we dat de populairste categorie tot een prijsklasse van 300.000euro gaat. Als we de gemiddelde vraagprijs berekenen, blijkt dat de prijs over het hele jaar redelijk constant bleef of lichtjes zakte. In tegenstelling tot de markt van flats, zijn er bij de woningmarkt weinig verschillen tussen de arrondissementen.
Gaan we dieper kijken op gemeentelijk vlak, dan wordt duidelijk dat Hasselt het grootste aanbod heeft. Gedurende 2008 is het aanbod overigens erg gegroeid en dit geldt voor alle kernsteden. ‘Dat is deels normaal’, vertelt Johan Telen van Immobiliën Johan Telen in Neer-
oeteren. ‘Ook de prijzen binnen de goedkopere categorieën gaan weinig van elkaar verschillen en dit om historische redenen. Vijftig jaar geleden floreerde de mijnindustrie en gemeenten als Genk of Maasmechelen waren toonaangevend. Er ontstonden veel meer bescheiden arbeidswoningen. Deze factor speelt nu nog steeds een rol en mogelijk beïnvloedt ook de allochtone populatie binnen een bepaald gebied de markt. Laten we ten slotte niet vergeten dat er rond de grote steden veel randgemeenten liggen en daar worden lagere vraagprijzen gehanteerd. Op dat vlak verschilt Genk ook van Hasselt. Een andere barometer die de prijs mee bepaalt, is de aanwezigheid van industrie en werkgelegenheid. Limburgers wonen graag dicht bij hun werk.’
De globale Limburgse situatie zit trouwens gevangen in een bepaalde trend: het aantal prijsverlagingen is immens. Bij een op vier woningen werd de oorspronkelijke vraagprijs verlaagd. ‘Dat is begrijpelijk’, gaat Telen verder. ‘Door de gunstige economische situatie gingen de vraagprijzen de hoogte in, maar de crisis deed de mensen bezinnen en prijsverlagingen zijn het gevolg. Het is niet zo dat je een woning nu met verlies moet verkopen, de nieuwe vraagprijs ligt enkel dichter bij de reële waarde van het huis.’
In Sint-Truiden en Tessenderlo nemen goedkope woningen (tot 200.000euro) een groot deel van de markt in. Het tegenovergestelde vind je in bijvoorbeeld Lommel en Maaseik, waar de meer dan modale burger keuzes te over heeft.
‘Als je dan naar de grensgemeenten als Maaseik, Lanaken, Neerpelt of Lommel trekt, zie je de gemiddelde prijzen hoger liggen en vind je duurdere woningen op de plaatselijke markt terug. De meest populaire woningen zijn die tot 200.000euro, maar bij de grensgemeenten en vooral de grensovergangen zijn ook de duurdere prijscategorieën talrijk aanwezig. Dat heeft te maken met de Nederlanders. De rijkere noorderburen investeren bij ons net over de grens. Zo blijven ze dicht bij hun huis en werk en krijgen ze een mooie woning voor – volgens hen – een voordelige prijs. Al kan je tegenwoordig stellen dat ook de modale Nederlander Limburg gevonden heeft. Zij trekken ook al iets verder weg en kiezen voor de meer eenvoudige woningen in de randgemeenten van steden net over de grens’, rondt Telen af.
door Phillip Pergens
Bron: Het Nieuwsblad
Aanbod van appartementen blijft stijgen
- Vraagprijs appartementen (150.000-200.000euro) zakt in Hasselt en Tongeren.
- De prijs binnen dezelfde categorie stijgt in Maaseik met 2.000 euro.
- Grote steden verlagen prijzen, de Limburgse hoofdstad doet dit niet.
Als een appartement gebouwd wordt op een duur perceel, beïnvloedt dit de prijs
Johan Telen, Immobiliën
De populairste groep binnen het aanbod van appartementen is de prijsklasse van 150.000 tot 200.000euro, goed voor de helft van alle aangeboden appartementen op 1maart vorig jaar. De gemiddelde vraagprijs bedroeg toen 175.711euro. Het aanbod groeide het hele jaar door en in totaal stonden er op 1december 1.373 appartementen binnen dezelfde prijsklasse te koop. Daarnaast verdrievoudigde het aantal afgeprijsde appartementen. ‘Dat valt te verklaren door het grote aanbod’, vertelt Edmond Kochan van Vastgoed Limburg. ‘Doordat iedereen geld zag in het bouwen van appartementen – die zouden een goede investering zijn – ontstond er een groot overschot. De lange periode dat een pand te koop stond, maakte de kleine promotoren ongerust en ze gingen ver onder hun oorspronkelijke vraagprijs om toch maar hun vastgoed kwijt te raken. Ze hadden immers een lening af te betalen.’
Maar terwijl de verkopers binnen de arrondissementen Hasselt en Tongeren de gemiddelde vraagprijs zagen zakken met zo’n 800euro, steeg in het arrondissement Maaseik de vraagprijs met meer dan 2.000euro.
‘Dat kan verschillende redenen hebben’, vertelt Johan Telen van Immobiliën Johan Telen in Neeroeteren. ‘Mogelijk lag de vraagprijs eerst gewoon te laag door een overaanbod in een bepaalde prijscategorie. Wanneer de markt dan terug schaarser wordt, stijgen ook de prijzen. Verder spelen de grondprijs en ligging ook een belangrijke rol. Als de appartementen gebouwd worden op een perceel waar de promotoren veel voor moesten betalen, beïnvloedt dit de vraagprijs en stijgt die. Een perfecte afwerking van een appartement verhoogt de vraagprijs ook. Flats die gebouwd worden in Maaseik zijn natuurlijk duurder dan de appartementen in een klein gehucht. Als de meerderheid van de beschikbare panden zich in de stad bevinden, gaat de gemiddelde prijs uiteraard omhoog. Het omgekeerde, waarbij de markt in gehuchten groot is, doet de gemiddelde vraagprijs vlug dalen.’
Ook het verschil tussen de twee grote steden Hasselt en Genk is opmerkelijk. In Hasselt was er slechts een minimaal verschil tussen de vraagprijzen op 1maart en 1december. De vraagprijs in Genk daalde daarentegen opmerkelijk. Sinds de zomer vragen de verkopers gemiddeld 4.000euro minder voor een flat tussen de 150.000 en 200.000euro. ‘De geschatte waarde lag mogelijk te hoog. Als er dan niet verkocht wordt en het pand staat lang te koop, daalt de vraagprijs.’
Hetzelfde zien we terug in Sint-Truiden, maar daar zorgde een spectaculaire daling van 12.000euro in de nazomer voor een neerwaartse duik. Het aanbod verkleinde en op 1december bleken de prijzen weer gestegen, waardoor de kopers afwachtten en de voorraad opnieuw vergrootte. Een accordeoneffect dus. Toch is de vraagprijs in vergelijking met 1maart nog steeds 8.000euro lager dan de oorspronkelijke vraagprijs.
door Phillip Pergens
Bron: Het Nieuwsblad
Voorkeur voor kleine loten drijft prijs op
Kinrooi en Opglabbeek voeren de lijst van dure bouwgrond aan. Met 165euro per vierkante meter zou je denken dat de buurt bevolkt gaat worden door rijkelui. Maar je moet er ook rekening mee houden dat er vorig jaar maar weinig percelen verkocht werden.
‘Je moet niet te snel veronderstellen dat bouwgrond kopen in Kinrooi of Opglabbeek duurder is dan in een andere gemeente’, vertelt Johan Telen van Immobiliën Johan Telen. ‘Het is namelijk zo dat het afwachten is welke percelen de mensen nu kochten. Vandaag zijn vooral de kleinere loten in trek bij de kandidaat-bouwers. Dit komt omdat dat qua prijs beter binnen het budget ligt. De koppels die vandaag bouwen, stellen een budget voor hun bouwgrond op waarbij ze rekening houden met hun lening en de kostprijs van de woning die er op komt te staan. Voor hen is het vaak voordeliger om een kleinere bouwplaats van pakweg vijf are te kopen dan een bouwplaats van vijftien are. Ze denken daarbij enkel aan hun portemonnee.
‘Ook voor de verkopers zijn de kleinere loten vaak interessanter en een belangrijke inkomstenbron. Voor een kleine bouwplaats kan je al snel 150euro per vierkante meter vragen, omdat de totaalprijs nog altijd goedkoper is dan bij een groot lot.’
Mandy Kwaspen (25) en Davy Maessen (27) bevestigen dit. ‘We kochten in mei een grote bouwplaats van 14 are in Kinrooi en we betaalden 73euro per m2. We wilden graag in deze buurt blijven wonen, maar de zoektocht verliep niet gemakkelijk. We vonden vooral kleine bouwplaatsen van vijf are. Wij gingen als een van de weinigen voor de grotere, duurdere bouwplaats, maar als je de prijs in vierkante meter uitdrukte, kwamen we veel goedkoper uit. Alleen denkt niet iedereen zo’, besluit Mandy.
Bron: Het Nieuwsblad