Een rekenvoorbeeld leert dat de winst voor een huurder bij toepassing van een negatieve prijsindexering erg bescheiden blijft.
Neem een huurcontract dat ingegaan is op 1augustus 2006, met een maandelijkse basishuurprijs van 500 euro. Op 1augustus 2007 mocht de eigenaar voor de eerste keer de huishuur indexeren. Hiervoor had hij als nieuw indexcijfer dat van juni 2007 nodig (met als aanvangsindexcijfer dat van mei 2006). Volgens die formule bedroeg de nieuwe huurprijs 508,41 euro. Of een vermeerdering met 8,41 euro per maand.
Volgens dezelfde werkwijze bedroeg de geïndexeerde huurprijs een jaar later, op 1augustus 2008, 534,97 euro. Of een stijging met 26,56 euro per maand, met dank aan de bijzonder hoge inflatiecijfers uit de zomer van vorig jaar.
Dezelfde oefening dit jaar laat een andere beeld zien, als gevolg van de negatieve indexcijfers voor de maanden juni en juli 2009. Hierdoor komt de nieuwe, geïndexeerde huurprijs in ons voorbeeld op 531,41 euro te liggen. De ‘winst’ voor de huurder met dergelijk huurcontract blijft dus beperkt tot 3,56 euro per maand, of 42,72 euro voor een volledig jaar.
Bron: De Standaard
